Cognitieve Gedragstherapie

 

Er zijn vier basisemoties, die, wanneer we deze allemaal met een “B” laten beginnen, "blij", "boos", "bedroefd" en "bang" genoemd worden.
Wanneer één of meer van de laatste drie genoemde emoties
(niemand zal naar een psycholoog gaan zoeken bij een teveel aan blijheid)
te lang duren of te vaak terugkomen, is er sprake van een emotioneel probleem.

Het probleem kan op de meest uiteenlopende manieren manifesteren: angststoornissen, depressie, eetstoornissen, verslaving of problemen van psychosomatische aard. Voorbeelden hiervan: spanningshoofdpijn, hoge bloeddruk,maag- en ingewandsstoornissen, beven en trillen.

Heden ten dage is de cognitieve gedragstherapie een van de meest gebruikte therapieën. De cognitieve gedragstherapie ( c.g.t. ) richt zich op de manier waarop mensen denken en handelen, met het doel hen te helpen hun emotionele- en gedragsproblemen op te lossen.
Het idee dat je gelukkiger en productiever leeft als je op een gezonde manier denkt, is in de cognitieve gedragstherapie van essentieel belang.

Het uitgangspunt is hier dat het niet de problemen zelf zijn die het ons moeilijk maken, maar de niet-helpende manier waarop wij tegen deze problemen aankijken.
Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat de cognitieve gedragstherapie een heel praktische methode is die in de meeste gevallen (circa 70%) goed blijkt te helpen.